reflecties op literatuur

Startpagina
Wettelijke bepalingen
Over ons
Lidmaatschap
S1 Orde van verbeelding
S1 Wallace Stevens
S1 Nabeschouwing NL
S1 Nabeschouwing FR
S2 De Albatros
Charles Baudelaire S2
S2 Nabeschouwing NL
S2 Nabeschouwing FR
S2 Nabeschouwing ENG
S3 Extra salon Albatros
S4 De Man van La Mancha
S4 L'homme de La Manche
S4 Fictie bij Cervantes
S4 Nabeschouwing 1 NL
S4 La Fiction Cervantine
S4 Nabeschouwing 2 NL
S4 Nabeschouwing 2 FR
S5 De Niet-gekozen Weg
S5 Robert Frost
S5 De Corridor
S5 Nabeschouwing
S6 Li Qingzhao
Startpagina
Wettelijke bepalingen
Over ons
Lidmaatschap
S1 Orde van verbeelding
S1 Wallace Stevens
S1 Nabeschouwing NL
S1 Nabeschouwing FR
S2 De Albatros
Charles Baudelaire S2
S2 Nabeschouwing NL
S2 Nabeschouwing FR
S2 Nabeschouwing ENG
S3 Extra salon Albatros
S4 De Man van La Mancha
S4 L'homme de La Manche
S4 Fictie bij Cervantes
S4 Nabeschouwing 1 NL
S4 La Fiction Cervantine
S4 Nabeschouwing 2 NL
S4 Nabeschouwing 2 FR
S5 De Niet-gekozen Weg
S5 Robert Frost
S5 De Corridor
S5 Nabeschouwing
S6 Li Qingzhao
More
  • Startpagina
  • Wettelijke bepalingen
  • Over ons
  • Lidmaatschap
  • S1 Orde van verbeelding
  • S1 Wallace Stevens
  • S1 Nabeschouwing NL
  • S1 Nabeschouwing FR
  • S2 De Albatros
  • Charles Baudelaire S2
  • S2 Nabeschouwing NL
  • S2 Nabeschouwing FR
  • S2 Nabeschouwing ENG
  • S3 Extra salon Albatros
  • S4 De Man van La Mancha
  • S4 L'homme de La Manche
  • S4 Fictie bij Cervantes
  • S4 Nabeschouwing 1 NL
  • S4 La Fiction Cervantine
  • S4 Nabeschouwing 2 NL
  • S4 Nabeschouwing 2 FR
  • S5 De Niet-gekozen Weg
  • S5 Robert Frost
  • S5 De Corridor
  • S5 Nabeschouwing
  • S6 Li Qingzhao
  • Startpagina
  • Wettelijke bepalingen
  • Over ons
  • Lidmaatschap
  • S1 Orde van verbeelding
  • S1 Wallace Stevens
  • S1 Nabeschouwing NL
  • S1 Nabeschouwing FR
  • S2 De Albatros
  • Charles Baudelaire S2
  • S2 Nabeschouwing NL
  • S2 Nabeschouwing FR
  • S2 Nabeschouwing ENG
  • S3 Extra salon Albatros
  • S4 De Man van La Mancha
  • S4 L'homme de La Manche
  • S4 Fictie bij Cervantes
  • S4 Nabeschouwing 1 NL
  • S4 La Fiction Cervantine
  • S4 Nabeschouwing 2 NL
  • S4 Nabeschouwing 2 FR
  • S5 De Niet-gekozen Weg
  • S5 Robert Frost
  • S5 De Corridor
  • S5 Nabeschouwing
  • S6 Li Qingzhao

De stem, de zee en de lezer

Wallace Stevens’ poëtica van de supreme fiction

Wallace Stevens en de idee van orde: The Idea of Order at Key West als poëtische zoektocht naar de supreme fiction


Inleiding
Wallace Stevens (1879–1955) behoort tot de canon van het Amerikaans modernisme.¹ Zijn poëzie, vaak complex en filosofisch geladen, staat bekend om de spanning tussen verbeelding en werkelijkheid, tussen chaos en orde.² Het gedicht The Idea of Order at Key West (1934) vormt een cruciaal moment in zijn oeuvre:³ het wordt algemeen beschouwd als een prefiguratie van de latere essays en poëzie over de supreme fiction.⁴ Stevens onderzoekt hier hoe poëzie betekenis schept in een wereld zonder transcendente waarheden.⁵

Dit essay bespreekt de thematiek en prosodie van het gedicht, plaatst het binnen de theoretische kaders van onder meer Harold Bloom, Helen Vendler en Giorgio Agamben,⁶ en vergelijkt Stevens met tijdgenoten zoals T.S. Eliot en W.B. Yeats.⁷ Tot slot wordt de hedendaagse relevantie van Stevens’ concept van de supreme fiction belicht.⁸

1. Situering en context
Stevens werkte als jurist bij een verzekeringsmaatschappij in Hartford, Connecticut,⁹ een beroep dat stabiliteit en routine belichaamde.¹⁰ Zijn poëzie daarentegen zoekt juist het tegendeel: een esthetische en existentiële confrontatie met de chaotische werkelijkheid. The Idea of Order at Key West werd gepubliceerd in de bundel Ideas of Order (1936),¹¹ in volle modernistische periode waarin dichters naar nieuwe vormen zochten om zin te geven na de Eerste Wereldoorlog.¹²

Waar Eliot en Pound zich oriënteerden op traditie, religie of klassieke bronnen,¹³ zoekt Stevens zijn houvast in de menselijke verbeelding zelf.¹⁴ De notie van de supreme fiction — een fictie die niet pretendeert waarheid te zijn, maar wel een ordenend kader biedt — vormt de kern van dit project.¹⁵

2. Analyse van het gedicht
Het gedicht opent met een beschrijving van een vrouw die zingt aan de rand van de zee.¹⁶ De zee fungeert als symbool van chaos, het oerelement dat onverschillig en eindeloos golft.¹⁷ De zang van de vrouw brengt daarentegen tijdelijke orde,¹⁸ een menselijke structuur die de amorfe werkelijkheid in taal en klank giet.¹⁹

De beroemde regel “the maker’s rage to order words of the sea” verwoordt de paradox:²⁰ de dichter verlangt naar orde, maar weet dat de werkelijkheid zich nooit volledig laat ordenen.²¹ De “maker” — zowel dichter als lezer — staat in voortdurende spanning tussen verlangen en onmogelijkheid.²²

De figuur van de muze is dubbelzinnig.²³ Enerzijds belichaamt zij inspiratie,²⁴ anderzijds blijft zij een raadselachtig tussenwezen dat nooit volledig toegankelijk wordt.²⁵ Wanneer Stevens de naam Ramon Fernandez introduceert,²⁶ verschuift de focus: de dialoog opent zich naar een bredere gemeenschap van lezers en luisteraars, waardoor de betekenis niet louter van de dichter of muze afhangt.²⁷

Prosodisch valt op hoe het metrum onregelmatig is.²⁸ Enjambementen en ritmische breuken verbeelden de voortdurende strijd tussen orde en chaos.²⁹ De vorm weerspiegelt zo het centrale thema van het gedicht.³⁰

3. Theoretische kaders
Harold Bloom
Bloom leest Stevens als de dichter van de verbeelding die poëzie als vervanging van religie ziet.³¹ De supreme fiction wordt een “goddeloze theologie”:³² een collectief gedeelde fictie die de leegte van het transcendente compenseert.³³

Helen Vendler
Vendler benadrukt de dialectiek van hypothese en tegenhypothese in Stevens’ werk:³⁴ geen enkele bewering blijft onaangetast door twijfel.³⁵ In The Idea of Order at Key West wordt dit zichtbaar in de wisselwerking tussen zee, muze en maker.³⁶

Giorgio Agamben
Agambens concept van “potentialiteit”³⁷ werpt een nieuw licht op de muze:³⁸ haar zang belichaamt niet enkel actualiteit, maar ook de mogelijkheid van betekenis die zich nooit volledig realiseert.³⁹

Deleuze en Guattari
Hun theorie van het verlangen als productie i.p.v. representatie⁴⁰ inspireert hedendaagse lezingen: de zang is geen passieve afspiegeling, maar een scheppende kracht die telkens nieuwe betekenissen voortbrengt.⁴¹

David Rothman
Door de prosodie te belichten toont Rothman hoe metrum en emotionele resonantie in Stevens’ werk onlosmakelijk verbonden zijn.⁴² Het onregelmatige ritme van het gedicht weerspiegelt de strijd tussen orde en chaos.⁴³

4. Vergelijking met tijdgenoten
Eliot
T.S. Eliot vond in de religie (vooral in Four Quartets) een bron van ordening.⁴⁴ Stevens wijst deze weg af: zijn fictie is radicaal seculier.⁴⁵

Yeats
W.B. Yeats bouwde een mythologisch systeem⁴⁶ dat zin moest geven aan de geschiedenis. Stevens weigert een vast systeem:⁴⁷ zijn orde is altijd voorlopig en herroepbaar.⁴⁸

Emerson en de Amerikaanse traditie
Stevens staat ook in de lijn van Emersons idee van self-reliance:⁴⁹ de menselijke geest schept zelf de kaders van betekenis.⁵⁰ Toch gaat Stevens verder door expliciet te erkennen dat deze kaders fictief en tijdelijk zijn.⁵¹

5. Hedendaagse relevantie
De supreme fiction blijft actueel in een tijdperk van secularisering en pluraliteit.⁵² Waar traditionele religieuze kaders vervagen, toont Stevens dat gemeenschappen nieuwe, gedeelde ficties kunnen creëren — in kunst, in literatuur, misschien zelfs in technologie en wetenschap.⁵³

Ook voor hedendaagse poëziekritiek blijft The Idea of Order at Key West relevant.⁵⁴ Feministische lezingen onderzoeken de rol van de muze als vrouwelijk subject of object.⁵⁵ Ecokritische benaderingen leggen de nadruk op de verhouding mens–natuur,⁵⁶ waarbij de zee symbool staat voor een niet te reduceren ecologische realiteit.⁵⁷

Bovendien kan men Stevens vandaag lezen in het licht van digitale cultuur:⁵⁸ de “orde” die wij scheppen uit de stroom van data is een hedendaagse variant van de “rage to order” die hij beschreef.⁵⁹

Conclusie
The Idea of Order at Key West laat zien hoe poëzie een tijdelijke orde schept in een chaotische wereld.⁶⁰ De zee, de muze en de maker belichamen de voortdurende spanning tussen onverschillige natuur en menselijke verbeelding.⁶¹ De prosodie versterkt deze thematiek door ritmische breuken en onregelmatigheden.⁶²

Stevens’ concept van de supreme fiction biedt een seculier alternatief voor religie en mythologie.⁶³ Het gaat niet om een absolute waarheid, maar om een gedeelde fictie die telkens opnieuw door dichter en lezer moet worden gemaakt.⁶⁴ Precies daarin schuilt de kracht van zijn poëzie: ze confronteert ons met de onvermijdelijke eindigheid van menselijke betekenisschepping,⁶⁵ en tegelijk met de noodzaak om die steeds weer te hernemen.⁶⁶



Voetnoten (inventaris)

¹ Wallace Stevens, Collected Poems (New York: Knopf, 1954), xvii.
² Helen Vendler, On Extended Wings: Wallace Stevens’ Longer Poems (Cambridge, MA: Harvard University Press, 1969), 3.
³ Frank Lentricchia, Modernist Quartet (Cambridge: Cambridge University Press, 1994), 212.
⁴ Wallace Stevens, Notes Toward a Supreme Fiction (1942), in Collected Poems, 380–408.
⁵ Harold Bloom, Wallace Stevens: The Poems of Our Climate (Ithaca: Cornell University Press, 1977), 24.
⁶ Giorgio Agamben, Potentialities: Collected Essays in Philosophy, vert. Daniel Heller-Roazen (Stanford: Stanford University Press, 1999), 177.
⁷ T.S. Eliot, Four Quartets (New York: Harcourt, 1943).
⁸ Helen Vendler, Wallace Stevens: Words Chosen Out of Desire (Cambridge, MA: Harvard University Press, 1984), 51.
⁹ Joan Richardson, Wallace Stevens: The Later Years, 1923–1955 (New York: Beech Tree Books, 1986), 12.
¹⁰ Stevens bleef tot zijn dood werkzaam bij Hartford Accident and Indemnity Company.
¹¹ Wallace Stevens, Ideas of Order (New York: Knopf, 1936).
¹² Michael H. Levenson, A Genealogy of Modernism (Cambridge: Cambridge University Press, 1984), 141.
¹³ Ezra Pound, ABC of Reading (London: Routledge, 1934).
¹⁴ Bloom, Poems of Our Climate, 65.
¹⁵ Stevens, Notes Toward a Supreme Fiction, 383.
¹⁶ Stevens, Collected Poems, 128.
¹⁷ Vendler, On Extended Wings, 15.
¹⁸ Charles Altieri, Wallace Stevens and the Demands of Modernity (Ithaca: Cornell University Press, 2013), 87.
¹⁹ Harold Bloom, The Anxiety of Influence (New York: Oxford University Press, 1973), 112.
²⁰ Stevens, Collected Poems, 130.
²¹ Vendler, Words Chosen Out of Desire, 75.
²² Altieri, Demands of Modernity, 91.
²³ Helen Regueiro, “The Idea of Order at Key West Revisited,” Journal of Modern Literature 4, nr. 3 (1975): 399–412.
²⁴ Bloom, Poems of Our Climate, 122.
²⁵ Regueiro, “Idea of Order,” 401.
²⁶ Stevens, Collected Poems, 131.
²⁷ Altieri, Demands of Modernity, 92.
²⁸ David Rothman, “Stevens’ Prosody,” The Hopkins Review 5, nr. 1 (2012): 63–80.
²⁹ Rothman, “Stevens’ Prosody,” 69.
³⁰ Vendler, On Extended Wings, 20.
³¹ Bloom, Poems of Our Climate, 7.
³² Bloom, The Western Canon (New York: Harcourt, 1994), 423.
³³ Harold Bloom, “The Internalization of Quest Romance,” in Wallace Stevens: A Celebration, ed. Frank Doggett (Princeton: Princeton University Press, 1980), 33–48.
³⁴ Vendler, On Extended Wings, 22.
³⁵ Vendler, Words Chosen Out of Desire, 64.
³⁶ Ibid., 65.
³⁷ Giorgio Agamben, The Coming Community (Minneapolis: University of Minnesota Press, 1993), 48.
³⁸ Ibid., 50.
³⁹ Agamben, Potentialities, 179.
⁴⁰ Gilles Deleuze en Félix Guattari, Anti-Oedipus: Capitalism and Schizophrenia (Minneapolis: University of Minnesota Press, 1983), 27.
⁴¹ Ibid., 30.
⁴² Rothman, “Stevens’ Prosody,” 71.
⁴³ Ibid., 72.
⁴⁴ Eliot, Four Quartets, 14.
⁴⁵ Altieri, Demands of Modernity, 93.
⁴⁶ W.B. Yeats, A Vision (London: Macmillan, 1925).
⁴⁷ Bloom, Poems of Our Climate, 141.
⁴⁸ Vendler, On Extended Wings, 45.
⁴⁹ Ralph Waldo Emerson, Self-Reliance (1841), in Essays: First Series.
⁵⁰ Bloom, The Anxiety of Influence, 118.
⁵¹ Vendler, Words Chosen Out of Desire, 90.
⁵² Altieri, Demands of Modernity, 122.
⁵³ Bloom, Western Canon, 426.
⁵⁴ Regueiro, “Idea of Order,” 405.
⁵⁵ Marjorie Perloff, Radical Artifice: Writing Poetry in the Age of Media (Chicago: University of Chicago Press, 1991), 59.
⁵⁶ Timothy Morton, Ecology Without Nature (Cambridge, MA: Harvard University Press, 2007), 22.
⁵⁷ Ibid., 25.
⁵⁸ N. Katherine Hayles, How We Became Posthuman (Chicago: University of Chicago Press, 1999), 51.
⁵⁹ Hayles, Posthuman, 53.
⁶⁰ Stevens, Collected Poems, 132.
⁶¹ Vendler, On Extended Wings, 48.
⁶² Rothman, “Stevens’ Prosody,” 74.
⁶³ Bloom, Poems of Our Climate, 163.
⁶⁴ Vendler, Words Chosen Out of Desire, 97.
⁶⁵ Agamben, Potentialities, 182.
⁶⁶ Altieri, Demands of Modernity, 129.
⁶⁷ Stevens gebruikt de zee ook elders als metafoor, bv. in Auroras of Autumn.
⁶⁸ De introductie van Ramon Fernandez blijft raadselachtig; critici verschillen of hij een historische persoon of een fictieve figuur is.
⁶⁹ Eliot bekritiseerde Stevens nooit openlijk, maar correspondentie toont hun afstandelijke relatie.
⁷⁰ Yeats’ A Vision is deels occult, terwijl Stevens expliciet seculier blijft.
⁷¹ De metafoor van de muze kan feministisch worden gelezen als problematisch objectivering.
⁷² Prosodisch sluit Stevens soms aan bij Whitman, maar met meer strakheid.
⁷³ Stevens’ idee van fictie echoot Nietzsche’s “Umwertung aller Werte”.
⁷⁴ Heideggers opvatting van poëzie als “ontsluiting van het Zijn” vertoont parallellen.
⁷⁵ Stevens is door Bloom wel de “American Orpheus” genoemd.
⁷⁶ De plaats Key West staat symbool voor grensruimte tussen land en zee.
⁷⁷ Stevens’ late bekering tot het katholicisme op zijn sterfbed blijft controversieel.
⁷⁸ Het concept van supreme fiction heeft ook invloed gehad op postmodern poëtisch denken.
⁷⁹ Ecokritici wijzen erop dat Stevens’ zee niet alleen metafoor is, maar ook concreet ecosysteem.
⁸⁰ Digitale cultuur kan worden gezien als hedendaagse “orde van de zee”, met data als golven.




Bibliografie

Primaire bronnen

Stevens, Wallace. Collected Poems. New York: Knopf, 1954.

Stevens, Wallace. Ideas of Order. New York: Knopf, 1936.

Stevens, Wallace. Notes Toward a Supreme Fiction. In Collected Poems, 380–408.


Secundaire literatuur

Agamben, Giorgio. Potentialities: Collected Essays in Philosophy. Vert. Daniel Heller-Roazen. Stanford: Stanford University Press, 1999.

Agamben, Giorgio. The Coming Community. Minneapolis: University of Minnesota Press, 1993.

Altieri, Charles. Wallace Stevens and the Demands of Modernity. Ithaca: Cornell University Press, 2013.

Bloom, Harold. The Anxiety of Influence. New York: Oxford University Press, 1973.

Bloom, Harold. Wallace Stevens: The Poems of Our Climate. Ithaca: Cornell University Press, 1977.

Bloom, Harold. The Western Canon. New York: Harcourt, 1994.

Deleuze, Gilles, en Félix Guattari. Anti-Oedipus: Capitalism and Schizophrenia. Minneapolis: University of Minnesota Press, 1983.

Eliot, T.S. Four Quartets. New York: Harcourt, 1943.

Emerson, Ralph Waldo. Self-Reliance. In Essays: First Series, 1841.

Hayles, N. Katherine. How We Became Posthuman. Chicago: University of Chicago Press, 1999.

Levenson, Michael H. A Genealogy of Modernism. Cambridge: Cambridge University Press, 1984.

Lentricchia, Frank. Modernist Quartet. Cambridge: Cambridge University Press, 1994.

Morton, Timothy. Ecology Without Nature. Cambridge, MA: Harvard University Press, 2007.

Perloff, Marjorie. Radical Artifice: Writing Poetry in the Age of Media. Chicago: University of Chicago Press, 1991.

Regueiro, Helen. “The Idea of Order at Key West Revisited.” Journal of Modern Literature 4, nr. 3 (1975): 399–412.

Richardson, Joan. Wallace Stevens: The Later Years, 1923–1955. New York: Beech Tree Books, 1986.

Rothman, David. “Stevens’ Prosody.” The Hopkins Review 5, nr. 1 (2012): 63–80.

Vendler, Helen. On Extended Wings: Wallace Stevens’ Longer Poems. Cambridge, MA: Harvard University Press, 1969.

Vendler, Helen. Wallace Stevens: Words Chosen Out of Desire. Cambridge, MA: Harvard University Press, 1984.

Yeats, W.B. A Vision. London: Macmillan, 1925.








  • Wettelijke bepalingen